|
27.04.2007 - Vlaams Blok-stichter Karel Dillen is vandaag op 81-jarige leeftijd overleden. Dillen had al geruime tijd zware gezondheidsproblemen. Blokwatch publiceert een (inmiddels veertien jaar oud) vraaggesprek met Dillen dat zijn politieke biografie overloopt: van de collaboratie naar het Vlaams Blok...
Marc Spruyt interviewt Karel Dillen op 9 juni 1993 in het Europees Parlement in Brussel.
A. ERFGENAMEN
Het Vlaams Blok is als partij opgericht in 1979...
Karel Dillen: "In feite in 1977 als VNP. Die is dan herdoopt geworden, maar dat betekende dus geen nieuwe partij."
Van welke bewegingen of stromingen beschouwde het Vlaams Blok zich bij haar ontstaan de erfgenaam?
"Ik zou daar in zeer algemene zin willen op antwoorden: erfgenaam van een deel van de Vlaamse Beweging. Om dat wat meer te specifiëren: dat deel van de Vlaamse Beweging dat 'Vlaanderen eerst' op een of andere wijze in het vaandel voerde, tijdgebonden, zoals wij het nu in deze tijd gebonden doen."
Kan u enkele namen geven van zulke bewegingen waarmee u zich verbonden voelt?
"Ik zou eerder zeggen: met stukken daar uit, met mensen daar uit, met gedeeltes van programma's die op dit ogenblik volledig achterhaald zijn. Laten we zeggen dat wij op dat gebied als mens - niet direct in partijvormen denkend - dezelfde eerbied hebben voor de vooroorlogse Staf De Clercq als voor de vooroorlogse Joris Van Severen. Gedeelten uit beider werking spreken me aan. Andere gedeelten niet, ik denk aan de Belgische vlag waarmee Van Severen het sportpaleis binnenstapte. Het gaat meer om personen die ons aanspreken, dan dat we integraal een programma overnemen. Dat is onmogelijk gelet op de tijdsverschillen en de omstandigheidsverschillen."
Wat spreekt u bij deze personen aan, hun houding?
"Het menselijke voorbeeld, de trouw aan hun gedachten, de offers die ze er vaak voor gebracht hebben. Als we nu aan (VNV-collaboratieleider, ms) Staf De Clercq denken, die man is door de oorlog, door het zich bedrogen voelen door de Duitsers, werkelijk voortijdig eraan ten onder gegaan. Van Severens lot was nóg tragischer. Ik pak nu twee namen eruit, maar ik denk ook en vooral aan de eenvoudige volgelingen die het uit idealistische motieven gedaan hebben."
B. LESSEN UIT HET VERLEDEN
Welke lessen heeft het Vlaams Blok getrokken uit de politieke ervaringen van Vlaams-nationalistische partijen uit het verleden?
"De les van de VU is dat men trouw moet blijven aan zijn programma. Wanneer men daarmee begint te sjoemelen, wanneer men daar water in de wijn begint te doen, is men op korte of middellange termijn veroordeeld, zoals de VU vandaag veroordeeld is. Dat is de zware les die de VU gekregen heeft, en waar wij met wijsheid uit moeten putten om nooit dezelfde weg op te gaan.
Wat de Nieuwe Orde-bewegingen betreft, zij leren ons in de eerste plaats dat het kwaad kersen eten is met grote heren, zoals het oude Nederlandse spreekwoord zegt. Natuurlijk is het vijftig jaar na de feiten gemakkelijk om de staf te breken. Ik denk dat dé geschiedenis die werkelijk een synthetisch beeld en een eerlijk beeld geeft over het geheel, nog moet geschreven worden.
Ik heb het vaak herhaald en ik herhaal het nog, dé collaboratie bestaat niet. Er zijn ettelijke vormen van collaboratie geweest. Men kan de Vlaamse niet met de Waalse vergelijken, men kan de administratieve collaboratie van de secretarissen-generaal niet vergelijken met mensen die vrijwillig gingen vechten in Rusland. Er is een geheel dat belet dat men dé collaboratie kan goedkeuren of kan afkeuren.
Overigens meen ik dat die goedkeuring en die afkeuring in de eerste plaats het werk is voor historici. Zij moeten het materiaal schiften en ons dan voorstellen doen. Het is niet aan een partij om zich bezig te houden met dé collaboratie."
Anderzijds zijn noch de Volksunie noch de Nieuwe Orde-bewegingen geslaagd in de verwezenlijking van de Vlaamse onafhankelijkheid, toch uw en dé Vlaams-nationalistische doelstelling bij uitstek?
"Zij zijn daarin inderdaad gefaald, én door eigen schuld én door omstandigheden. Wij moeten daaruit lessen trekken, maar laten we hopen dat die lessen nooit van toepassing moeten zijn in een nieuwe oorlogsomstandigheid."
In de veroordeling van de Volksunie bent u zeer duidelijk, terwijl u toch veel voorzichtiger bent in uw oordeel over de politiek van de Vlaams-nationalisten tijdens de Tweede Wereldoorlog?
"De veroordeling van de VU gebeurt in een politieke context van de actualiteit: partij tegen partij. Moesten we mild geoordeeld hebben toen ze de knieval beging, dan hadden we geen nieuwe partij opgericht. Die nieuwe partij is ontstaan om opnieuw een Vlaams-nationalistische partij te hebben, die inderdaad voor Vlaamse onafhankelijkheid vecht, op een ogenblik dat de VU haar ontstaansrecht en haar ontstaansplicht volledig had opgegeven. Dat verklaart de bitsigheid van het gevecht.
Nog eens, ik ga me niet uitspreken over de collaboratie. Ik heb dat nooit gedaan. Ik ben opgekomen voor amnestie, maar ik heb nooit de collaboratie goed- of afgekeurd. Daar zijn op dit ogenblik nog te weinig gegevens voor. Daarover is nog geen sereen oordeel mogelijk. In de eerste jaren van mijn politieke activiteit konden wij onmogelijk een oordeel gaan vellen over mensen die vervolgd werden door België, vaak om Vlaamse redenen en in de meeste gevallen enkel om Vlaamse redenen. Zolang er geen amnestie was, en ze is er vandaag ook niet, geloven we niet dat het tijd is om de staf te breken over de oorlogsgebeurtenissen."
Toch schuwt u de verwijzing naar de collaboratie niet als politiek argument. In het partijblad van april 1987 drukte u een foto af van toenmalig IJzerbedevaartvoorzitter Paul Daels in het uniform van de Nationaal-Socialistische Jeugd-Vlaanderen (N.S.J.V.) anno 1943. Welke boodschap wilde u met die foto overbrengen?
"De boodschap was louter een protest tegen wijlen Paul Daels als voorzitter van het IJzerbedevaartkomitee, verantwoordelijk voor het versassen van 'de Stem van Suid-Afrika' naar het midden van de plechtigheid in plaats van zoals voordien op het einde. Op dat ogenblik ging de Bedevaart een minimalistische weg in. Wij achtten het nuttig met de hamer op tafel te slaan, om te zeggen: ze moeten ons geen les komen geven in naam van alle mogelijke uitvluchten om gematigd te zijn, hier is een bewijs van het tegendeel. Maar dat had absoluut geen nostalgische betekenis."
C. ROBERT BRASILLACH: FASCISME, LE RÉGIME IDÉAL?
In Dietsland-Europa (mei 1987) citeert u instemmend R. Brasillach die eind 1944 schreef: "Le régime idéal serait celui qui concilierait les idées de grandeur, de socialisme national, d'exaltation de la jeunesse, d'autorité de l'Etat qui me paraissent incluses dans le fascisme avec ce respect de la liberté individuelle." En u voegde er aan toe: "Het moet een bezielende opdracht zijn voor een jonge generatie naar een dergelijke synthese te zoeken." Heeft het Vlaams Blok zo'n synthese gemaakt?
"Dat is maar een klein deel van wat Brasillach geschreven heeft. Hij onderstreept in zijn 'Lettre à un soldat de la classe 60' zeer sterk dat het Engels gegeven van de vrijheid een wezenlijk iets was dat ze tijdens de oorlog gemist hadden. Dat is een beoordeling van Brasillach." "Het is volgens mij inderdaad nog altijd aan een jongere generatie naar een dergelijke synthese te zoeken. Dat was geen werk meer voor de mensen die té fel geëngageerd waren geweest tijdens of onmiddellijk na de oorlog. Van hen kon men niet meer de lenigheid en de soepelheid verwachten nieuw denkwerk te verrichten. En het is nadien nog altijd niet gebeurd."
"Dit is geen afwijzing van het democratische systeem. Het is wel een mogelijkheid tot verbetering van de werking ervan. Wanneer we hier in dit gebouw (het Europees Parlement in Brussel, M.S.) zien welke verspillingen er allemaal zijn, dan alleen al heeft men toch wel het recht te eisen dat er een beetje orde komt. Wanneer we zien naar het gesjoemel in Italië, dan is het zo dat er verbeteringen aan alle regimes mogelijk zijn. Geen enkel regime is voor de eeuwigheid gegeven. Elk regime kan prachtig starten met een idealistische bezieling, maar na verloop van tijd zit er altijd de menselijke sleet op."
Slaat die synthese die u bedoelt op een nieuwe interpretatie van de componenten die Brasillach aanhaalt voor dat 'regime idéal'?
"Als u wil, ja. Ook als geheel, de vrijheidsgedachte aan de ene kant, en orde en plicht aan de andere kant."
Brasillach noemt die componenten ook de componenten van het (historisch) fascisme. Het Vlaams Blok wordt daarmee toch niet graag in verband gebracht?
"Wanneer het fascisme voor orde is, en ik ben ook voor orde, ben ik dan een fascist? Men heeft het woord fascisme de laatste tientallen jaren gewoon gebruikt als scheldwoord om de tegenstander mee te lijf te gaan. Dat was al zo in de tijd van de Koningskwestie. De linksen noemden Leopold III een fascist, en de CVP antwoordde dat de anti-leopoldisten fascistische methodes gebruikten. Pius XII werd door sommigen een fascist genoemd. Dat heeft geen enkele historische betekenis meer. Dat is een woord, ofwel van het totale verleden, ofwel op dit ogenblik van de scheldbak."
Maar Brasillach gebruikt 'fascisme' toch niet als scheldwoord?
"Brasillach zegde dat in het fascisme en onder de Duitse bezetting, we vooral de vrijheidsgedachte hebben moeten missen. Dat was voor hem geen reden om het overige te verloochenen."
D. MAURICE BARDÈCHE: PROFETISCH
In 1951 hebt u een Nederlandse vertaling gemaakt van (het proto-negationistische, ms) 'Nurenberg, ou la terre promise' van Maurice Bardèche. Waarom hebt u dat boek toen vertaald?
"Ik heb dat boek vertaald omdat ik het in die tijd met zeer grote belangstelling gelezen heb. De analyse van Bardèche moet men ook weer zien in zijn tijd, en dan vooral in de menselijke context waarin ze geschreven werd. Bardèche was voor en tijdens de oorlog een volstrekt a-politiek man. Een man die een zeer grote toekomst als literatuurhistoricus tegemoet ging, en die door bepaalde eerlijke tegenstanders als zodanig ook erkend is geworden. Bardèche werd in 1945 verschrikkelijk getroffen door de terechtstelling van zijn schoonbroer Robert Brasillach. Dat was een vriendschap van lang voor de oorlog, een vriendschap zoals zeer uitzonderlijk is, in deze tijd nog uitzonderlijker. Dat heeft zijn pen geleid in de eerste boeken, zijn 'Lettres à François Mauriac' dat 'Nürenberg...' voorafging. Zonder dat hij het boek verloochent, zegt hij vandaag zelf dat hij dat nù niet meer zou schrijven zoals hij het toén geschreven heeft. Ik meen dat men dat moet eerbiedigen. Men moet het boek in de context zien van iemand die tot in het diepste van zijn ziel gekwetst was, en die dat met een literair kunnen en met een zo grote hartstocht geschreven heeft, dat de criticus die hij nochtans ook is, niet zijn eigen werk kritisch heeft kunnen bekijken voor hij het naar de uitgever bracht."
Centraal in Bardèches boek staat de verwerping van 'de geest van 1945', nl. het primaat van het supranationale op het nationale. Dat is ook een kenmerk van het Vlaams Blok-programma?
"Het supranationale bij Bardèche is nog niet dat van de EG of dat van Maastricht, dat wij ook verwerpen. Het is de hele ideologische sfeer waarin het nationale dreigt verpletterd te worden. In die zin is het meer profetisch, het mondialisme aankondigend, dan wel rechtstreeks op de eigen tijd toepasbaar. Vindt men dat in het programma van het Vlaams Blok terug ? Wanneer wij standpunt innemen voor een Europa der Volkeren is dat een standpunt waartoe we zelf gekomen zijn door eigen denkwerk. Daarmee wil ik Bardèche niet verloochenen, hij is een van de Fransen -ik zeg niet dat hij een volksnationalist is zoals wij- die het meeste begrip trachtten te hebben voor ons volksnationalisme dat iets anders is dan hun Frans staatsnationalisme."
Het is dus meer een profetisch boek dan een echte inspiratiebron voor actuele problemen?
"Dat kan men nog lezen omwille van de literaire kwaliteiten, maar het is vanzelfsprekend geen actueel boek meer. Het is geen boek dat men moét gelezen hebben om vandaag standpunten te kunnen innemen. Dit is geen verloochening van wat dan ook, dit is een tijdsverklaring."
E. VLAAMS-NATIONALISTEN IN EEN BELGISCH KADER
Het Vlaams Blok is een anti-Belgische partij. Welke rol speelt het Vlaams Blok dan binnen het Belgische bestel?
"Wij zijn een Vlaams-nationalistische partij. Wij zijn een anti-Belgische partij in de zin dat wij opkomen voor de onafhankelijkheid van Vlaanderen met Brussel als hoofdstad. Op dit ogenblik werken wij nog in een Belgisch kader. Wij zijn tegen alle geweld, tegen alle terrorisme. Wij gaan geen bommen leggen onder het Paleis van Laken. Wij werken in het bestaande politiek kader van de Belgische staat met zijn parlement, zijn Vlaamse Raad, ... Ik zeg niet dat we daarin zwemmen zoals een vis in het water, maar dat is noodgedwongen het theater waarin wij moeten werken. Ik bedoel met theater niet dat het een komedieboel is, wel dat dat ons werkterrein is."
Wat zou het Vlaams Blok dan in dat 'Belgisch kader' kunnen verwezenlijken?
"Wij kunnen blijven hameren op ons programma. Wij kunnen bewijzen dat we een andere partij zijn dan de andere, dat we geen compromissen afsluiten."
Bemoeilijkt die compromisloosheid niet uw werking?
"In zekere zin wel uiteraard. Als we alleen maar zouden geleid worden door het idee dat we een minister moeten hebben, dan zouden we ook compromissen sluiten. Dat zou qua ambities maatschappelijk en materieel een veel gemakkelijker weg zijn. Wij wensen echter een partij te zijn die strak vasthoudt aan haar programma. Het maakt de zaken moeilijker, maar het maakt het programma niet onverwezenlijkbaar. De Vlaamse onafhankelijkheid zal er niet komen door een besluit van het Vlaams Blok. Die zal er komen omdat de omstandigheden meer en meer in die richting gaan. Wat dat betreft zijn er voorgaanden. Ik heb daarstraks even de Koningskwestie geciteerd, welnu dat was een ogenblik waarop men naar een Vlaams-Waalse scheiding ging. Helaas was op dat ogenblik de Vlaamse Beweging zo goed als uitgeschakeld. Er was geen nationalistische partij, die de zweep op de andere partijen kon leggen om ze in de goede richting te jagen. Van dat ogenblik heeft men dus geen gebruik kunnen maken."
"Het was Vlaanderen tegen Wallonië, maar dat kon niet verzilverd worden. Een ander voorbeeld is de schoolkwestie. Dat was ook in vergaande mate niet alleen links tegen rechts, maar het rechtse Vlaanderen tegen het linkse Wallonië. Het Vlaams -nationalisme was er ook toen nog zeer erg aan toe. Wanneer de VU in 1991 terug in de regering gestapt is, heeft zij een helpende hand uitgestoken naar het brekende België om door toegevingen weer België te redden."
"De omstandigheden gaan zich volgens mij ongetwijfeld opnieuw voor doen. Op een gegeven ogenblik gaan er weer conflicten rijzen die een dusdanige spanning gaan aannemen dat de onafhankelijkheid weer een schrede dichterbij zal gekomen zijn. Wanneer de scheiding van de sociale zekerheid ter sprake zal komen, zal dat niet gebeuren zonder een hardnekkig Waals verzet. Wat zal op dat ogenblik de toestand zijn ? Ik denk aan de uitspraak van Luc Vanden Brande waarvoor hij op het matje van Laken geroepen is. De stroming is er. Wanneer men in '50 had durven zeggen dat binnen een goede generatie een van de kopstukken van de CVP dergelijke verklaringen zou afleggen, dan had men ons opgesloten voor waanzinnigen."
De Vlaamse onafhankelijkheid ziet u dus komen door druk uit te oefenen op de andere Vlaamse partijen, eerder dan doordat het Vlaams Blok zelf groot genoeg zou zijn om op zich een meerderheid te vormen?
"Men moet inderdaad realistisch blijven. Wij zullen nog groeien. De druk op de andere partijen zal daardoor nog opgevoerd worden. De andere partijen zullen meer en meer geneigd zijn stukken uit ons programma over te nemen. De omstandigheden zullen daarbij mee een beslissende rol spelen."
F. HET 'PARLEMENTAIR VERDERF'
Over het Belgisch parlement zei u in Dietsland-Europa (mei 1987): "Het is een erg irreële wereld, waar men denkt besluiten te treffen. Een wereld die grote gevaren inhoudt voor wie er belandt. Men wordt er aangetast door een 'pourvu que ça dure'-mentaliteit. Een wereld met verlokkingen en bekoringen allerhande." Ligt dit aan het systeem van de parlementaire democratie zelf, of aan de parlementaire democratie zoals ze nu functioneert?
"Dat ligt aan het functioneren van het systeem nù. Het is een systeem van 150 jaar geleden. Degenen die toen volksvertegenwoordiger werden, hadden dat toen niet nodig. Dat waren mensen die materieel vrij stonden t.o.v. hun mandaat. Die waren niet gedwongen daarvoor hun geweten pijn te doen omdat zij absoluut moesten herkozen worden. Nu heeft men mensen die financieel afhankelijk zijn van het mandaat, voor wie dat hun beroep is. Dan dreigen natuurlijk grote gevaren. Wie dan niet sterk in zijn schoenen staat, dreigt compromissen aan te gaan om toch maar parlementslid te kunnen blijven. Hij wordt vaak een slaaf van de partij, of - bij de grote partijen veel erger - van een van de zuilen van de partij. Hij beslist niet meer zelf eigenmachtig en zelfstandig wat zijn houding moet zijn. Ik weet ook niet onmiddellijk wat de positieve oplossing daarvoor is. Dat is wat men al eens 'het parlementair verderf' noemt. Dat slaat niet op het regime zelf, maar op de sfeer van koopjes die er vaak aanwezig is en allesoverheersend is."
Heeft het Vlaams Blok dan bepaalde mechanismen ingebouwd zodat haar mandatarissen niet ten prooi vallen aan dat 'parlementair verderf'?
"Wij trachten zo vaak mogelijk op dat gevaar te wijzen. Ik geloof niet dat er een volmaakt mechanisme bestaat om een menselijk afglijden te beletten. Niemand kan garanderen dat zoiets bij ons niet zal gebeuren. In '77 zegde mij een oude heer die zeer verbitterd was: 'Je gaat nu twintig jaar werken, dan ga je even groot zijn als de VU op haar hoogtepunt, en je gaat ook een nieuwe Schiltz hebben, en wat dan ?' Dan heb ik hem geantwoord: 'dan zullen we met een nieuwe partij opnieuw beginnen binnen twintig jaar'. Er is geen wiskundig sluitend systeem om te beletten dat menselijke bekoringen een rol spelen."
In een interview met Dietsland-Europa (juni 1979) sprak u over een ideologische adviesraad: "In deze raad zetelen een stel beproefde nationalisten zonder direkt organizatorische taak, maar die er moeten op letten dat de partij niet afdwaalt van haar oorspronkelijke doelstelling. (...) Deze raad is op dat vlak de hoogste partij-instantie."
"In die tijd was er bijna geen organisatie en werd aan zo'n adviesraad gedacht. In feite is dat een doodgeboren kind geweest. Ik geloof niet dat we daar meer dan twee keren mee bijeengekomen zijn. Er werd dan gedacht aan namen als Leo Wouters, maar die zat toen nog volop in de partijraad zelf, aan pater Brauns, ..."
G. DE ROL VAN DE BEVRIENDE GROEPEN
Daarnaast kende u een rol toe aan de bevriende nationalistische groepen: "Voor het Vlaams Blok moet (...) regelmatig kontakt en overleg met deze groepen een vanzelfsprekendheid vormen. Ik meen dat daar trouwens op tijd en stond een vermanende alarmbel kan weerklinken. Wij van onze kant moeten altijd oor hebben voor deze alarmbel." Bestaat in die groepen niet een permanent wantrouwen t.a.v. Vlaams-nationale partijpolitiek?
"Dat bestaat bij hen, zoals dat ook bij ons bestaat. Dat zijn voor een groot deel mensen die allemaal vaak ettelijke jaren in de VU gestaan hebben. Dat heeft hun ontgoocheling en hun wantrouwen meegebracht. Dat wantrouwen zal waarschijnlijk ook wel latent aanwezig zijn ten onze opzichte. Goddank heeft dat zich nog niet moeten uiten. Ik denk dat dat een pluim is die wij op onze hoed kunnen steken. Er is daar af en toe wel een lichte kritiek over bijkomstigheden, maar er is nog nooit enige ernstige essentiële kritiek geweest. Dat bewijst dat wij nog altijd op de rechte weg zijn. Die mensen hebben inderdaad het recht kritiek te uiten op het ogenblik dat ze denken dat het nodig is."
Is het Vlaams Blok nog sterk afhankelijk van de steun van deze groepen?
"In het begin was dat veel sterker het geval. Wij waren een amechtig wicht, en waren dankbaar voor en aangewezen op alle steun welke we konden krijgen. Stilaan zijn we gegroeid en kregen we organisatorisch meer vorm, vooral de laatste vijf jaar, zodat we een eigen leven zijn gaan leiden, zijn gaan bestaan op onszelf. Wij blijven dankbaar voor elke steun die we krijgen, voor elke medewerking welke men ons gunt. Wij blijven dankbaar voor elke stem in het kieshokje."
Bent u het eens met Bert van Boghout wanneer die zegt (Dietsland-Europa, maart 1989) dat "het Vlaams Blok de Were Di-grondslagen als het ware partijpolitiek vertaald heeft in zijn basisprogramma" ? Als ik me niet vergis, bent u toch de auteur van het basisprogramma van het Vlaams Blok?
"Ik heb er de grootste stukken van geschreven, anderen hebben daaraan meegewerkt. Dat is geen kopie geweest. Uiteraard zijn er een aantal evenwijdigheden tussen het programma van Were Di en dat van het Vlaams Blok. Dat is meer een spontane evenwijdigheid, dan een stelselmatig overnemen met het veranderen van woorden. Vanzelfsprekend is er een essentieel verschil tussen een studie- en vormingsgroep als Were Di, en aan de andere kant een politieke partij. Zij kunnen over alles spreken en studeren. Een partij daarentegen moet haar programma hebben, moet zich beperken, kan niet over alles spreken, alleen al door tijdgebrek maar ook door het feit dat zij gebonden is aan de wetten van de partijpolitiek. Men moet met een eenvoudig en duidelijk programma met hoofdpunten naar de mensen gaan. Zich bezighouden met antropologie is voor de vrije mensen, niet voor degenen die gebonden zijn aan tijd, vergaderingen en vooral aan een programma."
Thema's die bij Were Di wel aan bod komen, zoals de antropologie, het rassenkundige, het elitaire, ... worden dus niet bespeeld door het Vlaams Blok omdat ze niet geschikt zijn voor een politieke partij?
"En omdat er ongetwijfeld dingen bij zijn die volstrekt ongeschikt zijn in het leven van vandaag. Wanneer Were Di het in zijn hoofd haalt een studie te maken over een of andere denker uit de 16de of 17de eeuw, dan kunnen wij daar niets mee aanvangen. Inhoudelijk is er ook een deel dat wij in het tijdsgegeven van vandaag zouden willen bekijken en kritisch beoordelen."
Maar zijn dat dan thema's die misschien politiek niet kunnen bespeeld worden, maar toch passen in 'de geest' van het Vlaams Blok?
"Dat zou een gesprek van een paar uren moeten zijn om dat werkelijk uit te diepen. Wat wordt er bedoeld met 'natuurlijke ongelijkheid', wat wordt er bedoeld met 'het rassenkundige' ? Wanneer men bedoelt dat één ras meer waard is dan een ander, dan zeg ik overtuigd -niet om tactische redenen, maar om principiële redenen- dat kan niet. Ieder is op zijn plaats de beste. Bij ons moet men zich houden aan het programma, dat eerlijk en overtuigd moet zijn, maar dat geen dwaze achternahollerij van om het even wat uit het verleden, of een of ander folkloristisch gedoe van vandaag mag zijn."
H. 'VOLK': EEN ERFELIJK GEBONDEN GEMEENSCHAP
Wat zijn volgens u de kenmerken van een 'volk'?
"Ik zou me daar vooral beroepen op tussenoorlogse denkers zoals Wies Moens, pater Stracke, Gantois, en verder teruggrijpend naar het volksnationalisme van de Duitser Herder. Welke kenmerken ? In de allereerste plaats taal, hoewel taal niét gans het volk is. Wij hopen nog heel wat verfranste Brusselaars terug volwaardige Vlamingen te zien worden, met opnieuw hun eigen taal als moedertaal. De traditie speelt ook een rol. Voor de Vlamingen is dat het kristelijk gegegeven, zonder dat ze voor het Vlaams Blok allen katholiek moeten zijn. Dat kristelijk gegeven wordt meer gezien als een cultuurgegeven dan als een godsdienstig gegeven."
In Dietsland-Europa (mei 1987) zei u dat een volk moet beschouwd worden als een "erfelijk gebonden gemeenschap"?
"Een volk is inderdaad een erfelijk gebonden gemeenschap. Anders zouden we niet volgende maand de 11de juli 1302 vieren. Met 'erfelijk gebonden' wordt er bedoeld, gebonden door de taal, door de traditie van eeuwen, door wat we samen eeuwenlang tot stand gebracht hebben. Dat heeft dus niets te zien met een zuiver ras. Wij gaan niet vooraleer u Vlaming gedeclareerd wordt uw schedel meten of de kleur van uw ogen. Dergelijke onzin behoort tot een verleden dat helaas niet altijd op een gezonde manier verteerd is geworden. Vaak neemt men als men jong is vlugvlug slogans over vooraleer men erover nadenkt. Ik heb geen last met het woord 'erfelijk gebonden' wanneer men wil aanvaarden wat dat voor het Vlaams Blok betekent."
Dat erfelijke slaat dus niet op een biologische betekenis maar op een culturele?
"Een culturele betekenis, een traditionele, een beschavingsbetekenis, ..."
I. MILITANTEN
31. U hecht persoonlijk nogal wat belang aan de steun van de militanten voor het Vlaams Blok. Leven er bij die militantenbasis soms geen andere opvattingen over de wijze waarop het Vlaams Blok bepaalde problemen moet aanpakken?
"Een militant is niet hetzelfde als een vechtersbaas. Een militant is iemand die zich op alle mogelijke wijzen tracht verdienstelijk te maken, met propaganda op straat, met huisbezoeken, met het colporteren van een blad, ... maar niet met geweld. Wanneer bij ons iemand zou ontdekt worden die geweld zou prediken, dan moet die eruit. Dat er al eens een incident kan gebeuren waaraan men in 99% van de gevallen geen eigen schuld heeft, maar die dan verstukkeld en leugenachtig voorgesteld worden, dat is in het politieke partijleven niet volledig uit te schakelen. Ik vrees dat we van nu tot de volgende verkiezingen nog met allerlei provocaties zullen af te rekenen hebben. Maar militant is bij ons een begrip waaraan geen geweld mag gebonden zitten."
Denken de militanten niet in andere terminologie over het Vlaams Blok-programma. In het Vlaams Blok-maandblad verschijnt bijvoorbeeld telkens een militantenrubriek van uw propagandaleider Xavier Buisseret. Het taalgebruik daarin verschilt toch dikwijls van dat in andere artikels?
"Iedere vogel zingt zoals hij gebekt is. Er is een verschil tussen Dewinter en mij, al is het alleen al door de leeftijd, door temperament, aanleg, karakter, ontwikkeling, boeken die men gelezen heeft. Dat geldt voor iedereen, voor Buisseret, Annemans, ... Als u mij vraagt of ik met alles akkoord ga wat in het partijblad verschijnt, dan moet ik hier wijlen VNV-senator Edmond Van Dieren citeren, die in een gesprek eens zegde: 'er is maar één blad waarmee ik het volledig eens zou kunnen zijn, nl. een dat ik zelf helemaal vol schrijf'."
Maar het is niet van die aard dat u zegt, dit kan echt niet meer?
"Het zal al wel eens gebeuren dat wij struikelen over een artikel in een plaatselijk blad, een uitschuiver is nooit te vermijden. Zo werd er in een lokaal blad op een volstrekt ongelukkige wijze geschreven over de dood van Brouhon, de burgemeester van Brussel. Zoiets kan voor mij niet."
U hebt dan problemen met het taalgebruik?
"Ja, het gaat niet over principes, maar over taal en stijl."
J. COMPROMISLOOSHEID & BELEID
Het Vlaams Blok wil geen beleidspartij worden...
"In een Belgisch kader. Op lokaal gebied, in een of andere gemeente, kan meegewerkt worden. Dat is altijd mogelijk."
Zou het Vlaams Blok wel bereid zijn een coalitie te vormen met andere partijen indien op die manier de Vlaamse onafhankelijkheid kan verwezenlijkt worden?
"Als we die zekerheid hebben, dan mogen wij medewerking met anderen zelfs niet uitsluiten."
Maar u bent niet bereid een coalitie te vormen op basis van andere thema's?
"Nee, dat gaat niet. 't Is te zeggen, dat zou in dramatische omstandigheden onvermijdelijk kunnen zijn -ik denk aan een oorlog of iets dergelijks- maar daarop moeten we niet zitten hopen."
In het Vlaams Blok-maandblad (april 1993) schrijft Koen Dillen "om de maghrebinisering van Frankrijk en Europa tegen te houden, zien we geen andere weg" dan dat het Front National en centrum-rechts [in Frankrijk] één rechts front vormen. Acht u zo'n politiek mogelijk bij het Vlaams Blok?
"Ginder in Frankrijk lijken de regeringspartijen meer in de richting van Le Pen te gaan voor hun vreemdelingenprogramma. Hier is een dergelijk gegeven volstrekt afwezig. Eventueel kan dat onderzocht worden als dat gegeven wel zou bestaan, maar dan is het nog tijd om dat te bekijken."
U acht het dus niet uitgesloten?
"Als het een regering is met één taak en één precieze opdracht, dan zou het in alle geval het bekijken waard zijn."
Ook al zou dat impliceren dat de Belgische staat niet ophoudt te bestaan?
"Ik zeg het, het zou dan een regering beperkt in de tijd en in het programma moeten zijn. Maar dat gegeven is weinig denkbaar in België."
Zou het Vlaams Blok wel een beleidspartij willen zijn in een onafhankelijk Vlaanderen?
"Zal ik er nog zijn op dat ogenblik? ... We zullen dat bekijken op het ogenblik van de onafhankelijkheid. We moeten dat dus zeker niet uitsluiten. Er is dan een Vlaams gegeven en een Vlaamse regering."
De compromisloosheid van het Vlaams Blok geldt dus voornamelijk t.a.v. het Vlaams-nationale; eens dat gerealiseerd is, zou de partij iets toegeeflijker worden?
"We worden niet toegeeflijker. We houden ons vast aan ons programma. Het is niet uitgesloten dat een deel van het programma kan verwezenlijkt worden zonder dat een ander deel in de verdrukking komt. Maar niet met één stap vooruit en twee stappen achteruit, zoals de VU."
K. INSPIRATIEBRONNEN
Door welke auteurs voelt u zich het meest geïnspireerd?
"Dat is de moeilijkste vraag. Ik heb de laatste vijftien jaar als partijvoorzitter veel minder tijd gehad om te lezen. Wat de Vlamingen betreft, zou ik zeggen Wies Moens, Elsschot, Filip de Pillecyn, Dosfel, pater Stracke, de socialist Piet Van Aecken, ..."
En meer recente auteurs?
"Wat recente auteurs betreft, is nummer één voor mij de Franse romanschrijver Jean Raspail met 'Le Camp des Saints' en andere werken. Te veel om op te noemen en te veel schrik om er te vergeten op dit ogenblik... Michel de Saint-Pierre, Brasillach, Robert Poulet, Pascal Jardin, ..."
Nouvelle Droite-auteurs?
"Dat is te zware kost voor mij. Dat geef ik eerlijk toe. Ik heb 'Vu de droite' van Alain de Benoist gelezen en doorgeknauwd. De uren die ik nu kan lezen, besteed ik liever aan de andere genoemde auteurs."
* * *
POLITIEK CURRICULUM KAREL DILLEN
16 oktober 1925 (Antwerpen) - 27 april 2007 ('s Gravenwezel)
1. POLITIEKE ACTIVITEITEN VÒÒR VLAAMS BLOK:
- lid Volksunie (1957-1971).
- oprichter Dietsland-Europa (mei 1956), hoofdredacteur (1956-september 1975), Dillen gebruikte daarbij de volgende pseudoniemen: Piet de Belder, Reimond Mangels, Frans Hanssens, Leo Kerremans, HS.
- oprichter Were Di (1962), voorzitter (1962-1976).
- oprichter Vlaams Nationale Partij (1 oktober 1977).
- oprichter Vlaams Blok (28 mei 1979) en partijvoorzitter (1979-1996).
2. POLITIEKE FUNCTIES BINNEN VLAAMS BLOK:
- kamerlid (1978-maart 1987).
- senator (1987-1989).
- Europees parlementslid (1989-2003).
- partijvoorzitter (1978-1996); erevoorzitter (1996-2007); lid Partijraad;
* Taakomschrijving van de partijvoorzitter: "De partijvoorzitter (a) is verantwoordelijk voor het algemeen beleid van de partij, in het bijzonder voor de politieke beleidsvoering; (b) is voorzitter van het partijbestuur en laat zich daarbij door de secretaris bijstaan; (c) is de eerste woordvoerder van de partij; (d) is verantwoordelijk voor de inhoud van de persmededelingen en de officile partijstandpunten; (e) streeft binnen het partijbestuur de consensus na en heeft bij blijvend verschil van mening een doorslaggevende stem; (f) organiseert en kijkt toe op de goede werking van het secretariaat."
3. BOEKEN EN BROCHURES VAN KAREL DILLEN (BINNEN VLAAMS BLOK):
- Grondbeginselen: Manifest van het rechtse Vlaams-nationalisme, 18 blz.
- Wij, marginalen, Antwerpen, A.M.U, 1987, 47 blz.
- Vlaanderen in Straatsburg, Brussel, Technische Fractie Europees Rechts, 1991, 175 blz.
- Europese gedichten: bijeengebracht en ingeleid, Brussel, Technische Fractie Europees Rechts, 1991, 169 blz.
- Vlaams Blok: partij van en voor de toekomst, 1992, 48 blz.
- Voor u geschreven: 21 brieven aan een jonge Vlaming en Europeaan, Brussel, Technische Fractie Europees Rechts, 1994, 144 blz.
- Vlaanderen in Straatsburg. Tussenkomsten in het Europees Parlement: deel 2, 1991-1993, Brussel, Technische Fractie Europees Rechts, 1994, 240 blz.
- Mijn Schilt ende betrouwen Sijt ghy, o Godt mijn Heer, 2002, 112 blz.
4. BOEKEN EN BROCHURES VAN KAREL DILLEN (BUITEN VLAAMS BLOK):
- Dr. Borms, Antwerpen, Were Di, 1965, 36 pp. (samen met J. Dierickx).
- Wies Moens 70, Antwerpen, Were Di, 1968, 36 pp. (met A. Dosfel, ...) (Were Di Jeugdbief).
- Wim Maes, Berchem, Ferir, (1970), 187 pp.
- Bormsverzen, Merksem, Were Di, 1973, 48 pp.
- Amnestie, Merksem, Were Di, z.d., 40 pp. (met W. Opsomer).
- vertaling van: BARDÈCHE, M., Neurenberg, het beloofde land, Antwerpen, Adauperta, 1951, 188 pp. (vertaling van Nuremberg ou la Terre Promise, 1948).
- vertaling van: HOLLOWAY, J.E., Apartheid: een uitdaging, een oplossing ?, Melle, Meyers & Trefois, (1966), 95 pp. (vertaling van Apartheid, a challence, 1965).
* * *
Lees meer over Karel Dillen op Blokwatch:
- Dillen doet de Hitlergroet
- Alle journalisten voor het kanon
- Karel Dillen gaf financiële steun aan Sint-Maartensfonds
- VB op gesprek bij Yves Leterme
- De (laatste) woorden van Karel Dillen
|